Ik wil wel, maar ik wil niet

Je hebt vast ook wel eens dat je het niet met je zelf eens bent.

Daarbij horen gedachten als: ‘Ik zou dat gewoon niet moeten vinden’ of  ‘ik snap niet waarom ik daar nu zou moeilijk over doe’ of ‘ik vind het wel belangrijk, maar ik kom er gewoon niet toe’.

Je hebt vaak allemaal goede argumenten om iets te vinden, maar ondanks dat hebben andere delen van jou ook wat in de melk te brokkelen.


Regelmatig speelt er een conflict tussen je ratio en je emotie. En er kunnen meer dingen meespelen. Tegenstrijdige argumenten, verschillende belangen, nu versus ervaringen in het verleden.
Alle communicatieconflicten die tussen twee individuen spelen kunnen ook intern plaats vinden. En ook daar nemen veel mensen niet de tijd om eerlijk naar alle kanten te luisteren. 
Je hebt je conclusie al getrokken: ‘ik moet gewoon ….doen…’.

Als je een innerlijk conflict opmerkt, of onvrede; wat altijd duidt op een innerlijk conflict, ga daar dan niet aan voorbij, maar zoek het op!

Waarover heb jij een innerlijk conflict?

Je eerste opwelling:

Ben je het in eerste instantie eens of oneens met bovenstaande  eens of oneens?

 

Oefening: Ronde tafelgesprek

 

Schrijf nu al je argumenten op, zonder je in te houden, die je kunt bedenken voor die kant die je hier boven hebt genoemd, eens of oneens.

Je staat op dit moment even helemaal alleen maar achter dit punt. Schrijf alles op wat je kunt bedenken. Ook alle onbenullige redenen, alle rationele en irrationele. Neem de tijd:

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..………………………………………………………………………………………………
…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Oké. Dat zijn al die argumenten. Het vierkantje erboven staat voor dit deel van jou, die dit allemaal zo vindt. Nu kan je dit deel voor een moment loslaten. En je met een ander deel identificeren.
Namelijk het deel dat iets anders vindt. Dit deel krijgt een ●

 

Schrijf nu alle argumenten die de andere kant ondersteunen. Schrijf echt alles op wat in je opkomt, rationeel en irrationeel. Goede reden, flutreden. Val je geschrijf niet in de rede, maar geef deze kant volop spreektijd.

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
……………………………………………………………………………………………………………………………..………………………………………………………………………………………………

Lees bovenstaande beide rijtjes eens rustig door. Kan je beide rijen ook een naam geven (schrijf die achter het vierkantje / rondje) (bijvoorbeeld ratio/gevoel/bezorgde/drammer/vermoeide/ relativeerder)

Merk je een uitgesproken voorkeur bij jezelf en/of een oordeel op één van beide?
 

Extra

Kijk eens voor jezelf of je een objectieve derde kunt spelen. Benoem dan naar beide begripvolle punten:
”Ik begrijp… dat je wil dat…” , “dat je het belangrijk vind dat…”, “dat je bang bent dat…” , etc.

Hoe is het voor de verschillende kanten dit te horen?
Je hebt kans dat je nu goed voelt waar de lading van je conflict zit.


Kan je beide delen ergens in tegemoet komen, ook als één gevoelsmatig een ‘underdog’ voor je is?

Reacties gesloten.